Vorige week donderdag keurden wij in de Kamer het wetsontwerp aangaande deugdelijk bestuur in beursgenoteerde en overheidsbedrijven goed . Dit wetsontwerp wil inspelen op een aantal terechte vragen die in de nasleep van de financiële crisis sterk naar voor zijn gekomen , zoals de torenhoge vertrekvergoeding voor falende managers en het al te te korte termijn denken van sommige verantwoordelijken in het beleid van sommige vennootschappen. Namens de CD&V-fractie nam ik deel aan de lange besprekingen in die commissie handelsrecht en verdedigde ik het wetsontwerp in de Kamerzitting van 11 februari.
Het verheugt mij dat we in de eerste plaats dat we eindelijk een evenwichtig politiek akkoord hebben kunnen bereiken over de aanbevelingen rond transparantie van renumeratie en het aanpakken van een aantal uitwassen, zoals aanbevolen door de Europese Commissie.
In het wetsontwerp staan 5 in het oog springende maatregelen die effectief zullen bijdragen tot meer deugdelijk bestuur. Ten eerste is er de wettelijke verankering van de transparantie in de verloning en het verloningsbeleid van het topmanagment van een beursgenoteerd bedrijf . Transparantie naar aandeelhouders en andere stakeholders toe is mijn inziens een zeer krachtig wapen naar maatschappelijk verantwoord verlonen en laat toe echt een maatschappelijk debat te voeren over de hoogte van de verloning. Ten tweede is er de versterkte rol van het renumeratiecomité dat verantwoordelijk wordt voor het bepalen van de verloning en het beleid in verloning en moet bestaan uit een meerderheid aan onafhankelijke bestuurders. Zij moeten waken over de correcte verloning van de bestuurders en moeten mogelijke belangenconflicten terzake vermijden. Ten derde is er de koppeling van de variabele vergoeding aan prestatiecriteria op lange termijn. Na de inwerkingtreding van de wet worden bonussen (vaak aandelen en aandelenopties) gekoppeld aan prestatiecriteria op lange termijn, zodat het nefaste korte termijn winstbejag aan banden wordt gelegd. Ten vierde leggen we de gouden parachutes aan banden. Deze mogen maximaal 12 of 18 maanden bedragen. Wil men toch een hogere vertrekvergoeding vastleggen dan is daarvoor voorafgaandelijke instemming van de aandeelhouders en een advies van de ondernemingsraad (met de stem van de werknemers) vereist. Tenslotte dienden wij ook een amendement in om de vergoeding van onafhankelijke bestuurders te reglementeren: nu wordt het zo dat de vaste vergoeding voor die bestuurders wettelijk de regel wordt!
Uiteindelijk werd dit wetsontwerp na een uitvoerige bespreking iets na middernacht door een ruime meerderheid goedgekeurd. Ik ben ervan overtuigd dat wij een zeer belangrijke stap hebben gezet naar meer deugdelijk bestuur, zonder dat wij het ondernemingsklimaat in ons land schade toebrengen.
Laat een commentaar achter.
U moet zich aanmelden om een commentaar te posten.