Wie in een culturele vereniging actief is, weet het wel… het is soms heel erg moeilijk om rond te komen of om te investeren in een nieuw, duur project. Natuurlijk zijn er bij de diverse overheden subsidies te verkrijgen, maar de papiermolen neemt veel werk in beslag. Bovendien zijn subsidies niet eindeloos. Vooral voor de kleine, lokale verenigingen of verenigingen die in een gespecialiseerde niche actief zijn, is dit een probleem.
Om de diversiteit in het culturele aanbod te behouden en te versterken heb ik een wetsvoorstel ingediend die culturele verenigingen toelaat te werken met fiscale attesten, naar analogie met jeugd-en sportkampen. Alle culturele organisaties,instellingen en kunstenaars die erkend zijn door één van de gemeenschappen kunnen dan van sympathisanten culturele giften ontvangen. De sponsor krijgt in ruil een fiscaal attest dat kan ingebracht worden in de personenbelasting.
Op deze manier wordt het publiek veel meer betrokken bij het cultuurbeleid, ze kunnen immers zelf bepalen wat belangrijk is en welke vereniging geld krijgt. Als we kijken naar de Verenigde Staten, waar een gelijkaardig systeem bestaat, zien we dat daar heel wat meer diversiteit in cultuur heerst. Kleinschalige culturele uitingen bestaan, en blijven bestaan door giften van burgers.
Moeten de subsidies dan worden verminderd als de burgers zelf zijn eigen smaak gaat subsidiëren? Natuurlijk niet. Maar een theater met een aantal milde schenkers zal veel meer ingebed zijn in de lokale gemeenschap en veel minder afhankelijk zijn van de grillen van een beoordelingscommissie. Het evenwicht tussen ‘Brussel’ en het veld zou zo een beetje hersteld kunnen worden.
Laat een commentaar achter.
U moet zich aanmelden om een commentaar te posten.